"Leren is ook delen". Dit zou de filosofie kunnen zijn van een leerkracht die aangesloten is bij het netwerk van ADE - Apple Distinguished Educators. Het programma, dat Apple wereldwijd heeft ingevoerd, telt in België al 25 leden. Het verenigt leraren-pioniers inzake technologie in de klas: deskundige mannen en vrouwen, die hun kennis binnen de school willen delen. Want vragen omtrent informatica in de klas wekken nog veel nieuwsgierigheid en interesse. Hoe kunnen we pedagogie, computer en schoolprogramma met elkaar verenigen? Wat kan de Mac bijdragen in een les? Hoe kan men de leerlingen motiveren met de nieuwe technologieën?

De ADE - zoals ze worden genoemd - vergaderen verschillende keren per jaar om te discussiëren over deze vragen en om hun terreinervaringen te delen. Orgelpunt van deze uitwisselingen: "Déclic Numérique", de grote ontmoeting die Apple en de ADE aanbieden aan de hele onderwijswereld. De editie 2006 vond plaats in Borzée, in het hartje van de Ardennen. Drie dagen lang volgden een honderdtal leerkrachten er praktische workshops, debatten en conferenties.

De ADE vormen de echte motor achter "Déclic Numérique". Ze hebben een schat aan ervaring: een van hen is Guy Robben uit Moeskroen, die de computer gebruikt in zijn lessen Frans. Of Luc Viatour uit Ciney, die de video gebruikt in de les wetenschappen. Andrée Calomne en Bernadette Thiry hebben met de informatica het ideale middel gevonden om de leerachterstand van sommige leerlingen weg te werken. Hierna leest u de dagelijkse ervaringen van deze 4 ADE-leerkrachten die zich ten volle inzetten voor hun beroep.

Klei en Franse les

Wat is het verband tussen modelleerklei en de Franse taal? Guy Robben heeft het antwoord. Hij is leerkracht in het 6de leerjaar aan het Institut des Frères Maristes van Moeskroen. Hij geeft elke woensdagochtend een activiteit waar de kinderen dol op zijn: een Franse les... maar geen gewone! Zijn klas van 29 leerlingen is verdeeld in groepen en elk groepje werkt aan de uitvoering van een grote animatiefilm. "Of eerder van 5 sequenties van een minuut", zoals Guy Robben bescheiden benadrukt, "want je hebt 24 plannen nodig voor één enkele seconde animatie, dat is dus een enorm werk!". Het gebruik van de computer biedt talloze voordelen op het vlak van pedagogie: "de kinderen werken aan verschillende vaardigheden: momenteel gaat het voornamelijk om schrijven. We gaan vaak naar de bibliotheek, we analyseren scenario's van andere tekenfilms om te leren hoe we een verhaal moeten schrijven".

De computer zal pas op het einde van het project worden gebruikt, om een concreet resultaat te verkrijgen dat iedereen zal kunnen bekijken. "Hiervoor gebruiken we een programma dat iStop Motion heet, waarmee je heel gemakkelijk animaties kunt maken door vaste beelden die met de videocamera opgenomen zijn achter elkaar te zetten". De kinderen gebruiken het zelf: "ze klikken met de muisknop, veranderen daarna de positie van een personage en herhalen vervolgens het procédé totdat er een natuurlijke beweging op het computerscherm verschijnt". Vervolgens wordt het resultaat geëxporteerd naar iMovie, het videomontageprogramma. "We voegen er muziek en geluidseffecten aan toe, ... het geheel wordt later in iDVD op een dvdb gebrand." De kinderen kunnen het eindresultaat mee naar huis nemen, "want het is heel belangrijk om thuis te tonen wat je op school hebt gemaakt. Ze doen iets voor de anderen en niet alleen maar voor zichzelf.”